Waar is de waarheid?

close

De fictie regeert: Kraantje Pappie begon zijn optreden op Westerkeyn met de woorden ‘Kraantje Pappie bestaat niet’. Bij Moeremans&Sons zijn de personages zich bewust van hun eigen fictieve karakter. Niks is echt; alles is theater. Maar zelfs alles buiten het theater blijkt vaak theater. Wat is er aan de hand? Inception? Op zoek naar de fictie en de feiten.

Tekst: Anne van de Wetering. Foto: Anke Teunissen

Het tijdperk van de waarheid is voorbij. Post Truth werd door de Oxford Dictionary verkozen tot woord van het jaar 2016, daarmee doelend op ‘de omstandigheden waarbij de invloed van objectieve feiten op de de publieke opinie het aflegt tegen claims op emotie en persoonlijke ideeën.’ Met andere woorden: de feiten leggen het af tegen de fictie. Niet alleen in het Amerika van Donald Trump, maar ook dichter bij huis wordt angst gevoed door een idee dat nauwelijks gebaseerd is op cijfers. En dat levert allerhande problemen op. Bijvoorbeeld als je als wetenschapper of journalist je wereldbeeld en je werk baseert op het onderzoeken, ordenen en presenteren van feiten. Want wat moet je als journalist als feiten minder serieus worden genomen dan luchtkastelen die de werkelijkheid verdraaien?

Maar zijn journalistiek en media onschuldig of hebben ze dit tijdperk van Post Truth wellicht mede-veroorzaakt? Een beetje van beide, natuurlijk. Zoals zo vaak ligt de waarheid in het midden. Ondanks dat journalistiek en wetenschap op waarheid gestoeld zijn, presenteren ze vaak ook maar een eenzijdig beeld: niet iedereens wereldbeeld wordt vertegenwoordigd in de kranten en op televisie.

Maar goed, al dat getouwtrek tussen media en politiek. Wat moeten wij daar als onschuldige Dagkrantschrijvers nu mee doen? Opvallend is dat de schrijvers op onze redactie lang niet meer allemaal ‘echte’ journalisten zijn. Het zijn schrijvers die fictie maken en proza schrijven. Schrijvers die ook weten hoe je fictie maakt en misschien ook accepteren dat er meerdere waarheden zijn, of dat de waarheid ook afhankelijk is van de positie die je zelf inneemt. En waar zijn bedenkers van fictie goed in? Inderdaad: verhalen vertellen.

Waarheid als pijler van de samenleving
In Crashtest Ibsen: Pijler van de samenleving is die waarheid onderwerp van onderzoek. Moeremans&Sons haalt wederom een Ibsen-tekst door de mangel en gaat ditmaal op zoek naar waarheid als fundament onder de samenleving. Net als in de vorige Crashtests wordt algauw duidelijk dat de personages zich bewust zijn van hun eigen fictieve karakter. Ze stappen met ‘het verkeerde been uit de coulissen’ en schrijver Henrik Ibsen wordt als personage opgevoerd om maar genoeg te benadrukken dat iemand deze fictie gemaakt heeft.

Maar niet alleen op toneel wordt de fictie benoemd en afgebroken. De fictie is groter en beperkt zich niet langer alleen tot dat wat op toneel gebeurt. De hele wereld is een toneelstuk en daarvan proberen de personages hun publiek gaandeweg de voorstelling te overtuigen: ‘Ik kan hier geen toneel meer spelen’, zegt mevrouw Bernick. ‘Het is immers het toneel dat verantwoordelijk is voor de enige slagschaduw in ons anders zo noorderzonnige leven.’ De hele wereld is fictie, Post Truth dus.

Langzaamaan brokkelt het vertrouwen in die fictie af. Henrik Ibsen wordt aan de kant geschoven. Als bedenker van de fictie laat hij zijn personages als gewillige deernes vanalles doen, maar ze pikken het niet langer. “Het is wel degelijk mogelijk om vanuit de fictie de waarheid te verkondigen”, zegt Ibsen. Maar als dat zo is, willen zijn personages natuurlijk niet aan de zijlijn staan wachten tot meneer de schrijver bedacht heeft wat ze mogen doen. Ze willen handelen. Juist in dit tijdperk van Post Truth. Nora: “Is het niet voor te stellen dat personages na 140 jaar zelf beginnen te denken? Waarom zouden wij ons eigenlijk anderhalve eeuw in dezelfde posities vastbijten? We mogen ons toch nog wel ontwikkelen?’

Het wereldtoneel is ook fictie
Moeremans&Sons benadrukt dat we de fictie kunnen sturen door wat we doen: door na te denken en te handelen, zoals de personages in Crashtest Ibsen. Alleen een kritische analyse is niet genoeg, we moeten met constructieve voorstellen komen als we de wereld willen redden, zo stelt Nora. Zo werkt het als je in fictie leeft, zoals de personages in Moeremans&Sons, maar dus ook in de fictie van het wereldtoneel, waarin wij de personages zijn. Ons handelen kan ook die fictie sturen. Als theatermaker of schrijver kun je je skills dus ook gebruiken om de fictie in de wereld te sturen. Een fictie creëren die de wereld een andere kant op stuurt.

En wat dat dan betekent? Is dit wel echt de laatste voorstelling van Moeremans&Sons, of is het allemaal een hoax? Kunnen we helemaal nog niet voorbij de woorden? En wat moeten we dan als schrijvers met al die verantwoordelijkheden? Luchtkastelen lekprikken? Luchtkastelen blijven bouwen? Luchtkastelen afbreken en nieuwe optrekken? Net zolang doorgaan met verzinnen tot iedereen z’n eigen kasteel kan bewonen? Er een extra torentje bij plaatsen? Versieren met ballonnen? In onze fictie gaan wonen en bedenken welke andere kastelen we nog nodig hebben?